Fout
Bijvoeglijk naamwoordA2
Attributieve vormen
Als je zegt 'de foute tekst' of 'een foute beslissing', gebruik je 'foute' vóór het zelfstandig naamwoord.
- Met bepaald lidwoord
- Met onbepaald lidwoord
- Zonder lidwoord
Predicatieve vorm
Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'fout': Het antwoord is fout.
Vergrotende trap
Als je iets vergelijkt, gebruik je 'fouter': Deze antwoord is fouter dan die. 'Foutere' gebruik je ook voor zelfstandige naamwoorden: 'de foutere optie'.
- Grondvorm
- Met "dan"
Overtreffende trap
Voor de hoogste vorm gebruik je 'foutste': Dit is de foutste keuze. In de zin 'Het is foutst' wordt 'foutst' ook gebruikt na werkwoorden.
- Attributief
- Predicatief
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.