NEDERLANDS
🇳🇱
  • Galant
    Bijvoeglijk naamwoordhoffelijk en elegant
  • Galant(de)
    Zelfstandig naamwoordhoffelijke romantische aanbidder persoon

Galant

  • galant

    Bijvoeglijk naamwoord

    hoffelijk; elegant

    1. hoffelijkheid

      Hoffelijk en attent zijn tegenover anderen, vooral tegenover vrouwen; charmant beleefd gedrag.

      Op het feest was hij erg galant tegen de dames.

    2. elegantie

      Sierlijk of stijlvol van uiterlijk of manier; een elegante indruk makend.

      Ze droeg een galante jurk naar de voorstelling.

    galant gedraggalante mangalante gestegalante jurkgalant zijn
  • degalant

    Zelfstandig naamwoord

    hoffelijke, romantische aanbidder (persoon)

    1. persoonlijkheid

      Een persoon (meestal een man) die zich hoffelijk en romantisch gedraagt en iemand op een galante manier benadert of bewondert.

      De galant bood haar zijn arm aan en vroeg haar ten dans.

    galant gedraggalant gebaargalante avancesgalante mangalant optreden

Blijf leren