Blussen
Hulpwerkwoord
hebben
zwak werkwoord (regelmatig)
Het werkwoord 'blussen' wordt vaak gebruikt in de context van het doven van vuur, maar kan ook figuurlijk gebruikt worden, bijvoorbeeld om emoties te 'blussen' (kalmeren).
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je, u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
De brandweer blust de brand in het bos.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hij heeft de kaars geblust voordat hij naar bed ging.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Blus het vuur voordat het te groot wordt!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Hoewel zij het vuur bluste, bleef er rook hangen.
verleden tijd, aanvoegende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.