Bijvoeglijk naamwoord
Attributieve vormen
Als je zegt 'de geschikte' of 'een geschikte', dan gebruik je 'geschikte' vóór het zelfstandig naamwoord. Bijvoorbeeld: 'De geschikte student moet hard werken.'
- Met bepaald lidwoord
- de geschikte
- "De geschikte kandidaat is hier."
- Met onbepaald lidwoord
- een geschikte
- "Hij is een geschikte persoon voor de baan."
- Zonder lidwoord
- geschikt
- "Die boeken zijn geschikt voor kinderen."
Predicatieve vorm
Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'geschikt': Hij is geschikt voor de functie.
Vergrotende trap
Bij het vergelijken gebruik je 'geschikter': Deze route is geschikter dan de andere route.
- Grondvorm
- geschikter
- "Deze oplossing is geschikter dan de vorige."
- Met "dan"
- geschikter dan
- "Deze methode is geschikter dan die andere."
Overtreffende trap
Als je de beste optie aangeeft, zeg je 'geschikste': Hij is de geschiktste persoon voor deze taak.
- Attributief
- geschikste
- "Zij is de geschiktste kandidaat voor de functie."
- Predicatief
- geschiktst
- "Dit is de geschiktst optie voor ons project."
Belangrijke opmerkingen
- usage:Het woord 'geschikt' betekent dat iets of iemand goed past bij een bepaalde situatie.
- spelling:De spelling van 'geschikt' verandert niet bij de vergrotende en overtreffende trap, maar het krijgt andere uitgangen.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.