Gewinnen
Hulpwerkwoord
hebben
onregelmatig werkwoord
Het werkwoord 'winnen' kan zowel letterlijk (bijv. een wedstrijd) als figuurlijk (bijv. vertrouwen) gebruikt worden.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
Ik win graag spelletjes met mijn vrienden.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hij heeft gisteren de loterij gewonnen.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Wij wonnen de wedstrijd vorig jaar.
verleden tijd, aantonende wijs
Win deze wedstrijd voor het team!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.