🇳🇱

Gewinnen

Hulpwerkwoord

hebben

onregelmatig werkwoord

Het werkwoord 'winnen' kan zowel letterlijk (bijv. een wedstrijd) als figuurlijk (bijv. vertrouwen) gebruikt worden.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Voorbeelden

  • Ik win graag spelletjes met mijn vrienden.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij heeft gisteren de loterij gewonnen.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Wij wonnen de wedstrijd vorig jaar.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Win deze wedstrijd voor het team!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.