🇳🇱
deZelfstandig naamwoordA1

Enkelvoudsvormen

Gezin is een zelfstandig naamwoord dat verwijst naar een groep mensen die samenwoont.

Bepaald (de/het)
de gezin
"De gezin bestaat uit ouders en kinderen."
Onbepaald (een)
een gezin
"Een gezin kan groot of klein zijn."
Zonder lidwoord
gezin
"Het gezin is belangrijk in de samenleving."

Meervoudsvormen

De pluralis van gezin is gezinnen, wat meerdere groepen betekent.

Bepaald (de)
de gezinnen
"De gezinnen zijn allemaal verschillend."
Zonder lidwoord
gezinnen
"Gezinnen hebben vaak hun eigen tradities."

Verkleinwoord

gezinnetje
"Het gezinnetje vertrok op vakantie."

De diminutief geeft een schattige of informele betekenis.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • gezinsleven

    "Gezinsleven is belangrijk voor de opvoeding."

    Het leven binnen een gezin.

  • gezinsleden

    "De gezinsleden hebben elkaar nodig."

    De leden van een gezin.

Veelgebruikte woordcombinaties

  • ouders en kinderen

    "Een gezin bestaat vaak uit ouders en kinderen."

    Dit is een veelvoorkomende combinatie.

  • samenleven

    "Gezinnen moeten goed samenleven."

    Samenleven is een belangrijk aspect van een gezin.

Belangrijke opmerkingen

  • countability:Gezin is telbaar, je kunt het in enkelvoud of meervoud gebruiken.
  • register:De term gezin is formeel en informeel te gebruiken in gesprekken.
  • usage:In informele gesprekken kan het gezinnetje worden gebruikt als verkleinwoord.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.