NEDERLANDS
🇳🇱

Groentewinkel

deZelfstandig naamwoordA1

Enkelvoudsvormen

'Groentewinkel' is een zelfstandig naamwoord dat verwijst naar een winkel waar groenten worden verkocht. Het wordt meestal in het enkelvoud gebruikt als je het over één specifieke winkel hebt.

Bepaald (de/het)
Onbepaald (een)
Zonder lidwoord

Meervoudsvormen

De meervoudsvorm 'groentewinkels' gebruik je als je het over meerdere winkels hebt.

Bepaald (de)
Zonder lidwoord

Verkleinwoord

Het diminutief 'groentewinkeltje' geeft een gevoel van klein, knus of soms minder formeel.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • biologische groentewinkel

    Een winkel die biologische groenten verkoopt.

  • groenteboer

    De persoon die de groentewinkel runt of groenten verkoopt.

Veelgebruikte woordcombinaties

  • verse groenten

    'Verse groenten' wordt vaak gebruikt om de kwaliteit van de producten in een groentewinkel te benadrukken.

  • fruit en groenten

    Veel groentewinkels verkopen zowel groenten als fruit, vandaar deze combinatie.

  • boodschappen doen

    'Boodschappen doen' betekent inkopen doen, vaak gebruikt in combinatie met een specifieke winkel.

Belangrijke opmerkingen

  • usage:'Groentewinkel' is een samenstelling van 'groente' en 'winkel'. Samenstellingen in het Nederlands worden vaak aan elkaar geschreven.
  • countability:'Groentewinkel' is telbaar. Je kunt dus spreken van één groentewinkel of meerdere groentewinkels.
  • register:Het diminutief 'groentewinkeltje' wordt vaak gebruikt om een gevoel van intimiteit of vriendelijkheid uit te drukken, vooral in informele gesprekken.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.