Groot
Bijvoeglijk naamwoordA1
Attributieve vormen
Als je zegt 'de grote hond' of 'een grote auto', gebruik je 'grote' vóór het zelfstandig naamwoord zoals hond of auto.
- Met bepaald lidwoord
- Met onbepaald lidwoord
- Zonder lidwoord
Predicatieve vorm
Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'groot': 'De hond is groot.' Dit geldt voor alle zinnen met de werkwoorden 'zijn' en 'worden'.
Vergrotende trap
Als je vergelijkingen maakt, gebruik je 'groter': 'Dit huis is groter.' Dus, als je twee dingen vergelijkt, zeg dan 'groter'.
- Grondvorm
- Met "dan"
Overtreffende trap
Als je het hoogste niveau aangeeft, gebruik je 'de grootste'. Bijvoorbeeld: 'Dit is de grootste boom in het park.'
- Attributief
- Predicatief
Belangrijke opmerkingen
- usage:In de meeste gevallen gebruik je 'grote' in de attributieve vorm, niet 'groot'.
- irregular:De vergrotende trap en de overtreffende trap zijn niet regelmatig gevormd.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.