Bijvoeglijk naamwoord
Attributieve vormen
Als je zegt 'de grootse stad' of 'een grootse gebeurtenis', gebruik je 'grootse' vóór het zelfstandig naamwoord.
- Met bepaald lidwoord
- de grootse
- "De grootse stad in Nederland is Amsterdam."
- Met onbepaald lidwoord
- een grootse
- "Het is een grootse gebeurtenis."
- Zonder lidwoord
- grootse
- "Grootse plannen worden gemaakt."
Predicatieve vorm
Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'groot': Het idee is groot.
Vergrotende trap
Als je twee dingen vergelijkt, gebruik je 'grootser': Dit huis is groter dan dat huis.
- Grondvorm
- grootser
- "Dit huis is grootser dan dat huis."
- Met "dan"
- grootsere
- "De grootsere idee is beter."
Overtreffende trap
Bij de beste en hoogste dingen gebruik je 'grootste': Hij is de grootste man hier.
- Attributief
- de grootste
- "Hij is de grootste man van het team."
- Predicatief
- grootst
- "Dit gebouw is het grootst van allemaal."
Belangrijke opmerkingen
- usage:'Groots' wordt vaak gebruikt om iets heel bijzonders of indrukwekkends te beschrijven.
- spelling:Let op het verschil tussen 'groot' en 'groots'. 'Groots' gebruik je in bepaalde contexten.
- irregular:De vergrotende trap is onregelmatig met variaties: grootser en grootsere.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.