NEDERLANDS
🇳🇱

Hand

deZelfstandig naamwoordA1
1
Simple
Future Tense
Imperative
Synonym
Idiomatic
Compound
Present Tense
Interrogative
Context & Scenario
Related Word
Complex
Past Tense
Declarative
Context & Scenario
Context & Scenario
Een jonge student in een kleurrijk klaslokaal steekt enthousiast zijn hand op in de lucht, met een glimlachende leraar en andere geïnteresseerde leerlingen op de achtergrond.
2
Compound
Past Tense
Interrogative
Context & Scenario
Idiomatic
Simple
Present Tense
Declarative
Context & Scenario
Synonym
Complex
Future Tense
Imperative
Context & Scenario
Related Word
Abstracte uitdrukking van een handdruk tussen twee figuren met kleurrijke achtergrond.
3
Simple
Present Tense
Declarative
Context & Scenario
Imperative
Complex
Future Tense
Compound
Past Tense
Interrogative
Een hand houdt een kleurrijke klomp snoepjes, symboliserend een handvol met een retro-futuristische stijl.
4
Complex
Past Tense
Imperative
Synonym
Simple
Future Tense
Context & Scenario
Context & Scenario
Idiomatic
Compound
Present Tense
Declarative
Interrogative
Context & Scenario
Related Word
Een modern logo met een gestileerde hand die verbinding en representatie symboliseert, met geometrische vormen en retro-futuristische stijl.

Blijf leren

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.