Enkelvoudsvormen
'Heg' is een zelfstandig naamwoord en kan enkelvoudig worden gebruikt.
- Bepaald (de/het)
- de heg
- "De heg is groen."
- Onbepaald (een)
- een heg
- "Ik heb een heg geplant."
- Zonder lidwoord
- heg
- "De heg groeit snel."
Meervoudsvormen
De pluralis van 'heg' is 'heggen'.
- Bepaald (de)
- de heggen
- "De heggen zijn gesnoeid."
- Zonder lidwoord
- heggen
- "Er staan heggen in de tuin."
Verkleinwoord
Diminutief wordt vaak gebruikt voor schattigheid of kleinschaligheid.
informeel
Veelgebruikte samenstellingen
heggenknipper
"Ik gebruik de heggenknipper voor mijn tuin."
een apparaat om heggen te snoeien
heggenrand
"De heggenrand is goed onderhouden."
de rand van een heg
Veelgebruikte woordcombinaties
snoeien
"We moeten de heg snoeien."
Snoeien is heel gebruikelijk bij een heg.
in de heg
"Er zit een vogel in de heg."
Dit is een vaak voorkomende uitdrukking als er iets in de heg zit.
Belangrijke opmerkingen
- countability:'Heg' is een telbaar zelfstandig naamwoord.
- register:'Heg' kan in normale conversaties of formele teksten worden gebruikt.
- usage:Men gebruikt 'heg' vaak in de context van tuinen of landschapsarchitectuur.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.