🇳🇱
deZelfstandig naamwoordA2

Enkelvoudsvormen

'Heuvel' is een zelfstandig naamwoord en verwijst naar een kleine berg of verhoging van aarde.

Bepaald (de/het)
de heuvel
"De heuvel is hoog."
Onbepaald (een)
een heuvel
"Ik zie een heuvel."
Zonder lidwoord
heuvel
"Heuvel is een mooi woord."

Meervoudsvormen

De meervoudsvormen zijn 'heuvels'.

Bepaald (de)
de heuvels
"De heuvels zijn groen."
Zonder lidwoord
heuvels
"Er zijn heuvels in de verte."

Verkleinwoord

heuveltje
"Het heuveltje is schattig."

Diminutief geeft een gevoel van kleinschaligheid.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • heuvelrug

    "De heuvelrug is prachtig om te wandelen."

    een keten van heuvels

  • heuveltop

    "We hebben de heuveltop bereikt."

    de bovenkant van een heuvel

Veelgebruikte woordcombinaties

  • op een heuvel

    "Ze wonen op een heuvel."

    Dit geeft de locatie aan.

  • de heuvel af

    "Hij rollt de heuvel af."

    Dit geeft een actie aan.

Belangrijke opmerkingen

  • countability:Heuvel is telbaar, je kunt het in enkelvoud en meervoud gebruiken.
  • register:Informeel gebruik in dagelijkse gesprekken en formeel in educatieve of descriptieve contexten.
  • usage:Heuvel vaak gebruikt in de context van natuur en landschap.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.