Enkelvoudsvormen
'Heuvel' is een zelfstandig naamwoord en verwijst naar een kleine berg of verhoging van aarde.
- Bepaald (de/het)
- de heuvel
- "De heuvel is hoog."
- Onbepaald (een)
- een heuvel
- "Ik zie een heuvel."
- Zonder lidwoord
- heuvel
- "Heuvel is een mooi woord."
Meervoudsvormen
De meervoudsvormen zijn 'heuvels'.
- Bepaald (de)
- de heuvels
- "De heuvels zijn groen."
- Zonder lidwoord
- heuvels
- "Er zijn heuvels in de verte."
Verkleinwoord
Diminutief geeft een gevoel van kleinschaligheid.
informeel
Veelgebruikte samenstellingen
heuvelrug
"De heuvelrug is prachtig om te wandelen."
een keten van heuvels
heuveltop
"We hebben de heuveltop bereikt."
de bovenkant van een heuvel
Veelgebruikte woordcombinaties
op een heuvel
"Ze wonen op een heuvel."
Dit geeft de locatie aan.
de heuvel af
"Hij rollt de heuvel af."
Dit geeft een actie aan.
Belangrijke opmerkingen
- countability:Heuvel is telbaar, je kunt het in enkelvoud en meervoud gebruiken.
- register:Informeel gebruik in dagelijkse gesprekken en formeel in educatieve of descriptieve contexten.
- usage:Heuvel vaak gebruikt in de context van natuur en landschap.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.