Hij
Personal
onderwerp (subject) voor mannelijke personen/dingen in het enkelvoud
lijdend voorwerp (direct object) of meewerkend voorwerp (indirect object) voor mannelijke personen/dingen in het enkelvoud
bezittelijk voornaamwoord (possessive) voor mannelijke personen/dingen in het enkelvoud
informele vorm van 'hem', vaak gebruikt in spreektaal
Positieregels
Onderwerp (hij) staat meestal vooraan in de zin of na de persoonsvorm.
Als 'hij' het onderwerp is, staat het vaak op de eerste of tweede plaats in de zin.
Lijdend/meewerkend voorwerp (hem) staat na het werkwoord of na een voorzetsel.
Het voornaamwoord 'hem' komt na het werkwoord of na een voorzetsel zoals 'aan', 'voor', etc.
In vraagzinnen komt het onderwerp (hij) na de persoonsvorm.
In vragen staat de persoonsvorm vooraan, gevolgd door 'hij'.
Belangrijke opmerkingen
- usage:'Hij' wordt gebruikt voor mannelijke personen, dieren of dingen waarnaar met 'hij' wordt verwezen (bijv. 'de zon' → 'hij schijnt').
- informal:'m' is een informele, verkorte vorm van 'hem' en wordt vooral in spreektaal gebruikt. In formele teksten of gesprekken gebruik je 'hem'.
- formal:In formele situaties vermijd je verkorte vormen zoals 'm'. Gebruik altijd 'hem'.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.