Hoofddoek
Enkelvoudsvormen
'Hoofddoek' is een zelfstandig naamwoord dat meestal in het enkelvoud wordt gebruikt om één stuk stof aan te duiden dat om het hoofd wordt gedragen.
- Bepaald (de/het)
- Onbepaald (een)
- Zonder lidwoord
Meervoudsvormen
De meervoudsvorm 'hoofddoeken' wordt gebruikt als je het over meerdere hoofddoeken hebt.
- Bepaald (de)
- Zonder lidwoord
Verkleinwoord
Het hoofddoekje wordt vaak gebruikt om iets schattigs of kleins aan te duiden, bijvoorbeeld voor kinderen of poppen.
informeel
Veelgebruikte samenstellingen
zomerhoofddoek
Een lichte hoofddoek voor in de zomer.
winterhoofddoek
Een warme hoofddoek voor in de winter.
hoofddoekmode
Mode gerelateerd aan hoofddoeken.
Veelgebruikte woordcombinaties
dragen
Het werkwoord 'dragen' wordt vaak gebruikt met 'hoofddoek' om aan te geven dat iemand het om heeft.
omdoen
'Omdoen' betekent dat je de hoofddoek om je hoofd bindt of vastmaakt.
afdoen
'Afdoen' betekent dat je de hoofddoek van je hoofd haalt.
knoop
Een 'knoop' wordt vaak gebruikt om aan te geven hoe de hoofddoek is vastgemaakt.
Belangrijke opmerkingen
- usage:'Hoofddoek' kan zowel om culturele, religieuze als praktische redenen worden gedragen, zoals bescherming tegen kou of zon.
- countability:'Hoofddoek' is een telbaar zelfstandig naamwoord. Je kunt dus spreken over 'een hoofddoek' of 'twee hoofddoeken'.
Blijf leren
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.