NEDERLANDS
🇳🇱

Hotdog

deZelfstandig naamwoordA1

Enkelvoudsvormen

Het woord 'hotdog' wordt meestal in het enkelvoud gebruikt als je het over één hotdog hebt. Bijvoorbeeld: 'Ik eet een hotdog.'

Bepaald (de/het)
Onbepaald (een)
Zonder lidwoord

Meervoudsvormen

Het meervoud van 'hotdog' is 'hotdogs'. Bijvoorbeeld: 'We hebben drie hotdogs gekocht.'

Bepaald (de)
Zonder lidwoord

Verkleinwoord

Het diminutief 'hotdogje' wordt vaak gebruikt om een kleine hotdog aan te duiden, bijvoorbeeld voor kinderen of als hapje. Het klinkt schattig en informeel.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • hotdogkraam

    Een kraam waar je hotdogs kunt kopen.

  • hotdogbroodje

    Het broodje waarin de hotdog zit.

Veelgebruikte woordcombinaties

  • mosterd

    'Mosterd' is een veelgebruikte topping voor een hotdog.

  • uitjes

    'Uitjes' (fijngesneden ui) is een populaire topping voor hotdogs.

  • ketchup

    'Ketchup' is een andere veelgebruikte topping voor hotdogs.

  • barbecue

    Hotdogs worden vaak gegeten tijdens een barbecue.

Belangrijke opmerkingen

  • usage:'Hotdog' wordt bijna altijd gebruikt om het eten aan te duiden, niet voor de hond zelf. Het is een leenwoord uit het Engels.
  • countability:'Hotdog' is telbaar. Je kunt dus zeggen: 'één hotdog', 'twee hotdogs', enzovoort.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.