NEDERLANDS
🇳🇱

Huurder

deZelfstandig naamwoordA2

Enkelvoudsvormen

Het woord 'huurder' wordt gebruikt om één persoon aan te duiden die iets huurt, zoals een huis of appartement.

Bepaald (de/het)
Onbepaald (een)
Zonder lidwoord

Meervoudsvormen

De meervoudsvorm 'huurders' wordt gebruikt om meerdere personen aan te duiden die iets huren.

Bepaald (de)
Zonder lidwoord

Verkleinwoord

Het diminutief wordt zelden gebruikt en klinkt informeel of soms denigrerend. Het kan een gevoel van medelijden of kleinerend overbrengen.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • hoofdhuurder

    De primaire huurder die verantwoordelijk is voor het huurcontract.

  • onderhuurder

    Iemand die een deel van een gehuurd pand huurt van de hoofdhuurder.

  • huurdersvereniging

    Een organisatie die de belangen van huurders behartigt.

Veelgebruikte woordcombinaties

  • huurcontract

    Een huurder heeft altijd een huurcontract met de verhuurder.

  • huurprijs

    De prijs die de huurder betaalt voor het huren van een woning of pand.

  • verhuurder

    De persoon of organisatie die een pand verhuurt aan de huurder.

  • recht

    Huurders hebben wettelijke rechten die beschermd zijn.

Belangrijke opmerkingen

  • usage:'Huurder' wordt vaak gebruikt in juridische en administratieve contexten. Het is belangrijk om de rechten en plichten van een huurder te kennen, zoals vastgelegd in het huurcontract en de wet.
  • countability:'Huurder' is een telbaar zelfstandig naamwoord. Je kunt spreken over één huurder of meerdere huurders.
  • register:In formele teksten en gesprekken wordt 'huurder' vaak gebruikt. In alledaagse, informele gesprekken kan het soms vervangen worden door omschrijvingen zoals 'degene die het huis huurt'.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.