Attributieve vormen
Als je zegt 'de jarige' of 'een jarige', gebruik je 'jarige' vóór het zelfstandig naamwoord. Dit betekent dat iemand jarig is en dat iets te maken heeft met een verjaardag.
- Met bepaald lidwoord
- de jarige
- "De jarige krijgt cadeautjes."
- Met onbepaald lidwoord
- een jarige
- "Ik ben een jarige vandaag."
- Zonder lidwoord
- jarig
- "Jarig zijn is leuk."
Predicatieve vorm
Na 'zijn' gebruik je altijd 'jarig': Hij is jarig. Dit laat zien dat iemand jarig is op dat moment.
Vergrotende trap
Voor vergelijken gebruik je 'jariger'. Bijvoorbeeld, 'Mijn broer is jariger dan ik', betekent dat mijn broer meer jarig is op die dag dan ik.
- Grondvorm
- jariger
- "Mijn broer is jariger dan ik."
- Met "dan"
- jariger
- "Hij is jariger dan zijn zus."
Overtreffende trap
Voor het hoogste niveau gebruik je 'de jarigste'. Bijvoorbeeld, 'Zij is de jarigste in de klas', wat betekent dat zij de enige is die vandaag jarig is.
- Attributief
- de jarigste
- "Zij is de jarigste in de klas."
- Predicatief
- jarigste
- "Hij is de jarigste van het jaar."
Belangrijke opmerkingen
- usage:'Jarig' wordt alleen gebruikt om de status van iemand aan te geven op hun verjaardag.
- irregular:De vergelijking 'jariger' en de superlatieven kunnen vreemd klinken maar zijn grammaticaal correct.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.