🇳🇱

Kassa

deZelfstandig naamwoordA1
1
Simple
Past Tense
Drukke supermarktscène in de stijl van Frans Hals met een lange rij klanten bij de kassa, levendige gezichtsuitdrukkingen en een actieve caissière
2
Perfect Tense
17e-eeuwse Nederlandse marktscène met vrolijke caissière achter een houten toonbank met een antieke kassa, munten en papieren guldens
3
Informal
Minimalistische bioscoopkassa met stapels bankbiljetten en munten, symboliserend voor hoge filmopbrengsten en succesvolle kaartverkoop

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.