🇳🇱
deZelfstandig naamwoordA1

Enkelvoudsvormen

Het woord 'kast' is een zelfstandig naamwoord dat een meubelstuk betekent voor opslag.

Bepaald (de/het)
de kast
"De kast is groot."
Onbepaald (een)
een kast
"Ik heb een kast gekocht."
Zonder lidwoord
kast
"Als je je kleren opbergt, gebruik je een kast."

Meervoudsvormen

Kasten zijn meer dan één kast.

Bepaald (de)
de kasten
"De kasten zijn gevuld met boeken."
Zonder lidwoord
kasten
"Er staan kasten in de kamer."

Verkleinwoord

het kastje
"Het kastje is klein."

Gebruik van het diminutief geeft een schattige of kleine indruk.

informal

Veelgebruikte samenstellingen

  • boksenkast

    "De boksencabinet heeft veel ruimte."

    Een kast voor gemakkelijk toegang tot lessen of boeken.

  • hangkast

    "De hangkast in de keuken is praktisch."

    Een kast die aan de muur hangt.

Veelgebruikte woordcombinaties

  • grote kast

    "Deze grote kast past niet in de kamer."

    'Grote' geeft aan dat de kast veel ruimte in beslag neemt.

  • open kast

    "De open kast maakt de kamer lichter."

    Een open kast heeft geen deuren of is vrijstaand.

Belangrijke opmerkingen

  • countability:Kast is een telbaar zelfstandig naamwoord. Je kunt 'kasten' tellen.
  • register:Informeel gebruik is gebruikelijk bij het beschrijven van meubelen. Formeel kan het worden gebruikt in interieurontwerpen.
  • usage:De kast kan ook figuratief gebruikt worden, zoals in 'de kast van herinneringen', wat betekent dat je je herinneringen opruimt.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.