🇳🇱

Hulpwerkwoord

hebben

werkwoord

Het werkwoord 'kerken' wordt gebruikt in religieuze context.

Infinitief

Tegenwoordig deelwoord

Voltooid deelwoord

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij

  • zij / ze

  • het

  • wij / we

  • jullie

Verleden tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij

  • zij / ze

  • het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Aanvoegende wijs

Gebiedende wijs

Voorbeelden

  • Ze kerken vaak in de stad.

    tegenwoordige tijd, indicatief

  • Hij heeft in zijn jeugd gekerkt.

    voltooid deelwoord, indicatief

  • Kerk vandaag niet zo laat!

    gebiedende wijs, imperatief

  • Als ik maar zou kerk tijdens het feest.

    aanvoegende wijs, subjunctief

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.