🇳🇱

Klein

Bijvoeglijk naamwoordA1

Attributieve vormen

Als je zegt 'de kleine kat' of 'een kleine hond', gebruik je 'kleine' vóór het zelfstandig naamwoord als lidwoorden ervoor staan.

Met bepaald lidwoord
Met onbepaald lidwoord
Zonder lidwoord

Predicatieve vorm

Na 'is' of 'wordt' gebruik je altijd 'klein': Het huis is klein.

Vergrotende trap

Gebruik 'kleiner' om dingen te vergelijken: Mijn laptop is kleiner dan de jouwe.

Grondvorm
Met "dan"

Overtreffende trap

Gebruik 'kleinst' om het kleinste uit een groep aan te geven: Hij is de kleinste in de klas.

Attributief
Predicatief

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.