Klein
Bijvoeglijk naamwoordA1
Attributieve vormen
Als je zegt 'de kleine kat' of 'een kleine hond', gebruik je 'kleine' vóór het zelfstandig naamwoord als lidwoorden ervoor staan.
- Met bepaald lidwoord
- Met onbepaald lidwoord
- Zonder lidwoord
Predicatieve vorm
Na 'is' of 'wordt' gebruik je altijd 'klein': Het huis is klein.
Vergrotende trap
Gebruik 'kleiner' om dingen te vergelijken: Mijn laptop is kleiner dan de jouwe.
- Grondvorm
- Met "dan"
Overtreffende trap
Gebruik 'kleinst' om het kleinste uit een groep aan te geven: Hij is de kleinste in de klas.
- Attributief
- Predicatief
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.