🇳🇱
deZelfstandig naamwoord

Enkelvoudsvormen

Kous betekent een kledingstuk dat je om je voeten draagt.

Bepaald (de/het)
de kous
"Ik heb de kous aan mijn voet."
Onbepaald (een)
een kous
"Ik koop een kous in de winkel."
Zonder lidwoord
kous
"Kous is een belangrijk kledingstuk."

Meervoudsvormen

Kousen zijn de meervoudsvorm van kous.

Bepaald (de)
de kousen
"De kousen liggen in de wasmand."
Zonder lidwoord
kousen
"Er liggen kousen op de vloer."

Verkleinwoord

kousje
"Zij heeft een klein kousje gekocht."

Diminutief gebruikt om iets schattigs of kleins aan te duiden.

informal

Veelgebruikte samenstellingen

  • kniekous

    "Ik draag kniekousen onder mijn jurk."

    een kous die tot de knie reikt

  • sportkousen

    "Ze draagt sportkousen tijdens het hardlopen."

    kousen bedoeld voor sport

Veelgebruikte woordcombinaties

  • kousenband

    "Hij draagt een kousenband bij zijn kostuum."

    Een kousenband houdt kousen op hun plaats.

  • kous in de was

    "De kous in de was is nog nat."

    Deze uitdrukking verwijst naar kousen die gewassen moeten worden.

Belangrijke opmerkingen

  • countability:Kous is een telbaar zelfstandig naamwoord.
  • register:Informeel gebruik is gebruikelijk in dagelijks taalgebruik.
  • usage:Gebruik 'kous' voor algemene verwijzingen en 'kousen' in meervoud.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.