NEDERLANDS
🇳🇱

Hulpwerkwoord

hebben

zwak werkwoord

Het werkwoord 'lappen' betekent vaak 'repareren' of 'schoonmaken', maar kan ook figuurlijk gebruikt worden, zoals in 'iemand ergens mee lappen' (iemand ergens mee confronteren).

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

Voorbeelden

  • Ik lap mijn schoenen elke week.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij lapte de fiets gisteren.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Wij hebben de ramen gelapt voordat het ging regenen.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Lap de muur voordat je gaat schilderen!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.