Licht
Attributieve vormen
Als je 'licht' gebruikt vóór een zelfstandig naamwoord, zeg je meestal 'lichte'. Bijvoorbeeld: 'een lichte tas' of 'de lichte stoel'. Als het zelfstandig naamwoord geen lidwoord heeft (bijv. 'licht haar'), gebruik je gewoon 'licht'.
- Met bepaald lidwoord
- Met onbepaald lidwoord
- Zonder lidwoord
Predicatieve vorm
Als je zegt hoe iets is met 'zijn', 'worden' of 'blijven', gebruik je altijd 'licht'. Bijvoorbeeld: 'De koffer is licht' of 'Het pakket wordt licht'.
Vergrotende trap
Om te zeggen dat iets meer licht is dan iets anders, gebruik je 'lichter'. Bijvoorbeeld: 'Deze lamp is lichter dan die lamp'. Je kunt ook 'dan' gebruiken: 'Mijn tas is lichter dan jouw tas'.
- Grondvorm
- Met "dan"
Overtreffende trap
Om te zeggen dat iets het meest licht is, gebruik je 'lichtst' of 'lichtste'. Na 'het' gebruik je 'lichtst' (bijv. 'Dit is het lichtst'). Voor een zelfstandig naamwoord gebruik je 'lichtste' (bijv. 'de lichtste telefoon').
- Attributief
- Predicatief
Belangrijke opmerkingen
- usage:'Licht' kan ook een zelfstandig naamwoord zijn (bijv. 'het licht'), maar hier gaat het alleen om het bijvoeglijk naamwoord.
- spelling:In de overtreffende trap krijgt 'lichtst' soms een '-e' als het voor een zelfstandig naamwoord staat (bijv. 'de lichtste dag').
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.