NEDERLANDS
🇳🇱
  • Los(de)
    Zelfstandig naamwoordiets dat niet vastzit

Hulpwerkwoord

hebben

zwak werkwoord (regelmatig)

'Lossen' betekent vaak 'een probleem oplossen' of 'iets ontwarren'. Het kan ook gebruikt worden in de context van 'iets losmaken' (bijv. een knoop), maar in deze conjugatietabel ligt de nadruk op de betekenis van 'oplossen'.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Voorbeelden

  • Ik los graag sudoku's in mijn vrije tijd.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Heb je de opdracht al gelost?

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Als hij het probleem losse, zouden we verder kunnen gaan.

    onvoltooid tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs

  • Lost u deze oefening alstublieft zelf op.

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

Blijf leren

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.