NEDERLANDS
🇳🇱

Manicure

deZelfstandig naamwoordB2

Enkelvoudsvormen

'Manicure' wordt meestal in het enkelvoud gebruikt als het gaat om de behandeling zelf. Bijvoorbeeld: 'een manicure boeken'.

Bepaald (de/het)
Onbepaald (een)
Zonder lidwoord

Meervoudsvormen

Het meervoud 'manicures' wordt gebruikt als je het over meerdere behandelingen hebt. Bijvoorbeeld: 'Ik heb deze maand twee manicures gehad'.

Bepaald (de)
Zonder lidwoord

Verkleinwoord

Het verkleinwoord 'manicuretje' wordt gebruikt om aan te geven dat de manicure klein, schattig of minder uitgebreid is. Vaak gebruikt in informele contexten.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • manicureset

    Een set met gereedschappen voor het doen van een manicure.

  • manicuretafel

    Een speciale tafel voor het uitvoeren van een manicure.

Veelgebruikte woordcombinaties

  • doen

    Het werkwoord 'doen' wordt vaak gebruikt in combinatie met 'manicure' om aan te geven dat iemand een manicure ondergaat of uitvoert.

  • krijgen

    Het werkwoord 'krijgen' wordt gebruikt om aan te geven dat iemand een manicure cadeau krijgt of laat uitvoeren.

  • nagellak

    'Nagellak' wordt vaak gebruikt in combinatie met 'manicure' omdat het een gebruikelijk onderdeel is van de behandeling.

Belangrijke opmerkingen

  • countability:'Manicure' is een telbaar zelfstandig naamwoord. Je kunt dus spreken van 'een manicure' of 'twee manicures'.
  • usage:In het Nederlands wordt 'manicure' vaak gebruikt om zowel de behandeling als de persoon die de behandeling uitvoert (manicure/manicuurster) aan te duiden, hoewel het strikt genomen om de behandeling gaat.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.