Attributieve vormen
Als je zegt 'de nare film' of 'een nare hond', gebruik je 'nare' vóór het zelfstandig naamwoord.
- Met bepaald lidwoord
- de nare
- "De nare film was eng."
- Met onbepaald lidwoord
- een nare
- "Een nare persoon kan lastig zijn."
- Zonder lidwoord
- nare
- "Nare zaken gebeurd vaak."
Predicatieve vorm
Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'nare': Hij is nare.
Vergrotende trap
Voor de vergrotende trap gebruik je 'naarder' in zinnen zoals 'De film is naarder.'
- Grondvorm
- naarder
- "Deze film is naarder dan de vorige."
- Met "dan"
- naardere
- "Het boek is naardere dan de film."
Overtreffende trap
In de overtreffende trap gebruik je 'de naarste' in zinnen zoals 'Hij is de naarste persoon.'
- Attributief
- de naarste
- "Hij is de naarste van allemaal."
- Predicatief
- naarst
- "Dit boek is het naarst."
Belangrijke opmerkingen
- usage:'Naar' kan emotionele of esthetische negatieve connotaties hebben.
- spelling:'Naarder' en 'naarst' worden vaak gebruikt voor een sterkere emotionele betekenis.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.