NEDERLANDS
🇳🇱

Neervallen

Werkwoord

Hulpwerkwoord

zijn

onregelmatig werkwoord, scheidbaar samengesteld werkwoord

Het werkwoord 'neervallen' wordt vaak gebruikt om een plotselinge, onbedoelde beweging naar de grond te beschrijven, vaak door uitputting, struikelen of emotie.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Verleden tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Voorbeelden

  • Ik val neer op de bank na het werk.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij viel neer toen hij de finish bereikte.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Zij is van haar fiets neergevallen.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Val neer als je niet meer kunt!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.