Bijvoeglijk naamwoord
Attributieve vormen
Als je zegt 'de nul' of 'een nul', gebruik je 'nul' vóór het zelfstandig naamwoord om te laten zien dat iets geen waarde heeft.
- Met bepaald lidwoord
- de nul
- "De nul is het laagste cijfer."
- Met onbepaald lidwoord
- een nul
- "Ik krijg een nul voor mijn toets."
- Zonder lidwoord
- nul
- "Nul is geen waarde."
Predicatieve vorm
Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'nul': 'De score is nul'.
Vergrotende trap
Wanneer je iets vergelijkt, gebruik je 'nul' met 'minder dan'.
- Grondvorm
- nul
- "Ik heb nul behaald op de toets."
- Met "dan"
- niets
- "Hij scoorde minder dan nul."
Overtreffende trap
De superlatieven 'de hoogste nul' of 'de nulste' zijn niet gebruikelijk, maar kunnen in specifieke contexten gebruikt worden.
- Attributief
- de hoogste nul
- "Ze noemde de score de hoogste nul."
- Predicatief
- de nulste
- "Hij is de nulste van de klas."
Belangrijke opmerkingen
- usage:Het woord 'nul' is meestal geen object van vergelijking zoals andere bijvoeglijke naamwoorden.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.