🇳🇱
deZelfstandig naamwoord

Enkelvoudsvormen

Het woord 'oom' verwijst naar de broer van iemands ouder of de man van iemands tante.

Bepaald (de/het)
de oom
"De oom van mijn vriend is erg grappig."
Onbepaald (een)
een oom
"Ik heb een oom die in Amsterdam woont."
Zonder lidwoord
oom
"Oom vertelt altijd leuke verhalen."

Meervoudsvormen

De meervoudsvorm 'ooms' verwijst naar meerdere ooms.

Bepaald (de)
de ooms
"De ooms zijn in de tuin aan het werken."
Zonder lidwoord
ooms
"Er zijn verschillende ooms op de familiefeest."

Verkleinwoord

oompje
"Mijn oompje geeft altijd cadeaus."

Diminutief met een schattige of informele betekenis.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • nep-oom

    "Hij is mijn nep-oom en geen echte familie."

    iemand die zich voordoet als een oom maar geen familieband heeft

  • oomzegger

    "Mijn oomzegger komt vandaag op bezoek."

    persoon die met een oom wordt aangesproken (in huiselijke omgeving)

Veelgebruikte woordcombinaties

  • tante en oom

    "We gaan met tante en oom naar het museum."

    Dit is een veelvoorkomende combinatie in familiecontexten.

  • oom en tante

    "Hij heeft een grote familie met veel ooms en tantes."

    Dit geeft de diversiteit in een familie aan.

Belangrijke opmerkingen

  • countability:Oom is telbaar, wat betekent dat je één of meerdere ooms kunt hebben.
  • register:In formele situaties spreekt men vaak over 'oom' maar in het dagelijks leven gebruikt men ook informele termen zoals 'oompje'.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.