De actie van iets vastleggen of registreren, meestal geluid of beeld.
Verleden tijd
ik
jij / je
u
hij
zij / ze
het
wij / we
jullie
zij / ze
Tegenwoordig deelwoord
ik
jij / je
u
hij
zij / ze
het
wij / we
jullie
zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je
u
Infinitief
Voltooid deelwoord
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Aanvoegende wijs
Voorbeelden
Ik neem de opname morgen.
tegenwoordige tijd, indicatief
Ik heb het gesprek opgenomen.
voltooid deelwoord, indicatief
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.