Optillen
Hulpwerkwoord
hebben
overgankelijk werkwoord (heeft een lijdend voorwerp nodig)
Het werkwoord 'optillen' wordt vaak gebruikt in alledaagse situaties waarbij fysieke kracht nodig is om iets van de grond te tillen. Het kan ook figuurlijk gebruikt worden, bijvoorbeeld in uitdrukkingen.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Verleden tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
Ik til de zware koffer op.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Heb je de doos al opgetild?
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Til die stoel eens op!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Het is belangrijk dat je de baby voorzichtig optilt.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.