NEDERLANDS
🇳🇱

Infinitief

Tegenwoordig deelwoord

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie

Tegenwoordig deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Verleden tijd

  • ik

  • jij / je, u, hij

  • wij / we, jullie, zij / ze

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Aanvoegende wijs

Gebiedende wijs

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij

  • zij / ze

  • het

  • wij / we

  • jullie

Voorbeelden

    Blijf leren

    Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.