NEDERLANDS
🇳🇱

Overwinning

deZelfstandig naamwoordA2
1
Simple
Past Tense
Vrolijke viering van een sportoverwinning met voetballers die een grote trofee omhooghouden in een nostalgische, sprookjesachtige stadionomgeving
2
Formal
Vrolijke viering van overwinning na oorlog met antropomorfe dieren in een stadplein, confetti en vlaggen
3
Informal
Triumfantelijke persoon breekt een sigaret doormidden, symboliserend het overwinnen van een slechte gewoonte en persoonlijk succes
4
Formal
Triumfantelijke groep politici en supporters in 17e-eeuwse Nederlandse kleding viert een verkiezingsoverwinning met vlaggen en enthousiaste gezichten in de stijl van Frans Hals

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.