Enkelvoudsvormen
'Paard' is een zelfstandig naamwoord dat een dier aanduidt.
- Bepaald (de/het)
- het paard
- "Ik zie het paard in de wei."
- Onbepaald (een)
- een paard
- "Hij heeft een paard gekocht."
- Zonder lidwoord
- paard
- "Paard is een mooi dier."
Meervoudsvormen
De pluralis van 'paard' is 'paarden'.
- Bepaald (de)
- de paarden
- "De paarden rennen snel."
- Zonder lidwoord
- paarden
- "Er zijn verschillende paarden in de stal."
Verkleinwoord
De diminutief komt vaak voor bij jonge of kleine dieren.
informeel
Veelgebruikte samenstellingen
paardenstal
"De paarden staan in de paardenstal."
stal voor paarden
paardensport
"Zij houdt van paardensport."
sport met paarden
paardenbloem
"De paardenbloem groeit in het gras."
plant met gele bloemen
Veelgebruikte woordcombinaties
met een paard rijden
"Hij leert met een paard rijden."
Dit betekent dat iemand te paard gaat rijden.
paard van Troje
"Het verhaal gaat over het paard van Troje."
Dit is een bekend verhaal uit de Griekse mythologie.
Belangrijke opmerkingen
- usage:Paard is een telbaar zelfstandig naamwoord.
- register:'Paard' is neutraal en kan formeel en informeel gebruikt worden.
- countability:Paard is telbaar; je kunt 'een paard' of 'twee paarden' zeggen.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.