🇳🇱
deZelfstandig naamwoordB1

Enkelvoudsvormen

Partner is een zelfstandig naamwoord dat een persoon aangeeft met wie je samen bent.

Bepaald (de/het)
de partner
"De partner van de leraar is ook docent."
Onbepaald (een)
een partner
"Een partner kan helpen bij het maken van beslissingen."
Zonder lidwoord
partner
"Partner is een belangrijk woord in deze context."

Meervoudsvormen

Partners zijn meer dan één persoon die samen dingen doen of een relatie hebben.

Bepaald (de)
de partners
"De partners werken samen aan dit project."
Zonder lidwoord
partners
"Partners kunnen elkaar aanvullen."

Verkleinwoord

partnertje
"Hij heeft een schattig partnertje voor het schoolproject."

Het leert dat iemand een jongere of minder belangrijke partner is.

informal

Veelgebruikte samenstellingen

  • zakenpartner

    "Hij is mijn zakenpartner."

    business partner

  • levenspartner

    "Ze zijn al jarenlang levenspartners."

    life partner

Veelgebruikte woordcombinaties

  • goede partner

    "Zij is een goede partner in crime."

    Dit betekent dat ze samen een team vormen voor iets leuks of spannends.

  • ondersteunende partner

    "Hij is een ondersteunende partner in het project."

    Dit geeft aan dat de partner helpt en steun geeft.

Belangrijke opmerkingen

  • countability:Partner is een telbaar zelfstandig naamwoord.
  • register:Het gebruik van 'partner' kan formeel zijn in zakelijke contexten en informeel in persoonlijke situaties.
  • usage:Het woord 'partner' kan verschillende betekenissen hebben, afhankelijk van de context.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.