🇳🇱

Pas

deZelfstandig naamwoordA1

Enkelvoudsvormen

'Pas' kan verschillende betekenissen hebben: een stap (bijvoorbeeld bij lopen), een bergpas, of een identificatie- of toegangskaart. Het gebruik hangt af van de context.

Bepaald (de/het)
Onbepaald (een)
Zonder lidwoord

Meervoudsvormen

De meervoudsvorm 'passen' wordt vooral gebruikt voor identificatie- of toegangskaarten, of voor meerdere stappen (bijvoorbeeld bij lopen of dansen).

Bepaald (de)
Zonder lidwoord

Verkleinwoord

Het verkleinwoord 'pasje' wordt vaak gebruikt voor kleine, draagbare identificatie- of toegangskaarten, zoals een OV-chipkaart of een klantenkaart. Het klinkt vriendelijker en minder formeel.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • paspoort

    Een officieel document voor identificatie en reizen.

  • bankpas

    Een kaart om geld op te nemen bij een geldautomaat.

  • OV-chipkaart

    Een kaart voor het openbaar vervoer in Nederland.

  • bergpas

    Een doorgang tussen bergen.

  • pasfoto

    Een foto voor officiële documenten.

Veelgebruikte woordcombinaties

  • laten zien

    Vaak gebruikt om te vragen of iemand zijn identificatie- of toegangskaart wil tonen.

  • verlopen

    Wordt gebruikt als een pas niet meer geldig is.

  • afgeven

    Betekent dat je je pas moet inleveren, bijvoorbeeld bij een beveiligde ingang.

  • controleren

    Betekent dat iemand de geldigheid of echtheid van de pas nakijkt.

  • op de pas lopen

    Een vaste uitdrukking voor het oversteken van een bergpas.

Belangrijke opmerkingen

  • irregular:Het woord 'pas' heeft geen onregelmatige vormen, maar let op: de betekenis verandert sterk afhankelijk van de context (stap, bergpas, kaart).
  • usage:In de betekenis van 'stap' (bijvoorbeeld bij lopen) is 'pas' vaak oncountable (bijvoorbeeld: 'in de pas lopen'). Als het gaat om een kaart, is het countable (bijvoorbeeld: 'een pas hebben').
  • register:In formele contexten (bijvoorbeeld bij officiële documenten) wordt 'pas' vaak gebruikt in combinatie met andere formele woorden, zoals 'paspoort' of 'identiteitsbewijs'. In informele contexten wordt vaak het verkleinwoord 'pasje' gebruikt.
  • countability:'Pas' is countable als het gaat om een kaart (bijvoorbeeld: 'twee passen'), maar oncountable als het gaat om een stap (bijvoorbeeld: 'in de pas lopen').

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.