Pellen
Hulpwerkwoord
hebben
regelmatig werkwoord
Het werkwoord 'pellen' wordt vaak gebruikt in de context van voedselbereiding, zoals het verwijderen van schillen of schalen van groenten, fruit of noten.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
Ik pel elke ochtend een banaan voor mijn ontbijt.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Heb je de sinaasappels al gepeld?
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Als je de knoflook niet pellet, smaakt de soep minder lekker.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
Pelde je vroeger vaak noten voor de kerst?
verleden tijd, aantonende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.