NEDERLANDS
🇳🇱

Hulpwerkwoord

hebben

regelmatig werkwoord

Het werkwoord 'plassen' wordt voornamelijk informeel gebruikt om het urineren te beschrijven. In formele contexten wordt vaak 'urineren' gebruikt.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

Voorbeelden

  • Ik moet plassen voordat we vertrekken.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij plast elke ochtend na het ontbijt.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Zij plaste gisteren om de haverklap.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • We hebben allemaal geplast voordat we in de bus stapten.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.