Ploffen
Hulpwerkwoord
hebben
onovergankelijk werkwoord, informeel taalgebruik
Het werkwoord 'ploffen' wordt vaak gebruikt om een informele, soms luide of plotselinge beweging uit te drukken, zoals neerploffen op een stoel of bank. Het heeft een speelse of ontspannen connotatie.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
u
Voorbeelden
Ik plof altijd op de bank na een lange dag.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hij plofte gisteren direct op de bank toen hij thuiskwam.
verleden tijd, aantonende wijs
We hebben na het eten even geploft voordat we de afwas deden.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Plof maar even neer, je ziet er moe uit!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.