Polsen
Hulpwerkwoord
hebben
regelmatig werkwoord
Het werkwoord 'polsen' betekent informeel of discreet informatie inwinnen, vaak over meningen, gevoelens of intenties. Het wordt veel gebruikt in sociale of professionele contexten.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
Ik pols altijd eerst of iedereen mee wil eten voordat ik kook.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Zij heeft al gepolst of we zin hebben in een feestje.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Pols jij even of de winkel nog open is?
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Het is verstandig dat je eerst polst voordat je een beslissing neemt.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.