Enkelvoudsvormen
Het woord 'pot' is een zelfstandig naamwoord en betekent een container of een kookgerei.
- Bepaald (de/het)
- de pot
- "Ik heb de pot op het fornuis."
- Onbepaald (een)
- een pot
- "Ik heb een pot met bloemen gekocht."
- Zonder lidwoord
- pot
- "Pot is een belangrijk keukengerei."
Meervoudsvormen
Meervoud van 'pot' is 'potten', en het verwijst naar meer dan één pot.
- Bepaald (de)
- de potten
- "De potten staan in de kast."
- Zonder lidwoord
- potten
- "Ik heb potten voor de planten."
Verkleinwoord
Het diminutief maakt het woord schattiger of kleiner.
informal
Veelgebruikte samenstellingen
bloempot
"Ik koop een bloempot voor de kamerplant."
Een pot voor bloemen.
kookpot
"Zet de kookpot op het vuur."
Een pot om in te koken.
jam/pot
"Doe de jam in de pot."
Een pot voor jam.
Veelgebruikte woordcombinaties
pasta pot
"De pasta pot is te groot voor de kast."
Een pot speciaal voor het koken van pasta.
pot met deksel
"Dat is een pot met een deksel."
Een pot die een deksel heeft, vaak voor opslag.
Belangrijke opmerkingen
- countability:Pot is een telbaar zelfstandig naamwoord.
- irregular:Het meervoud wordt gevormd door -ten toe te voegen.
- register:Het woord kan zowel in formele als informele contexten worden gebruikt.
- usage:'Pot' wordt meestal gebruikt in de keuken of in de tuin.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.