Bijvoeglijk naamwoord
Attributieve vormen
Als je zegt 'de rare vogel' of 'een rare droom', gebruik je 'rare' vóór het zelfstandig naamwoord om aan te geven dat het iets ongewoons of vreemds is.
- Met bepaald lidwoord
- de rare
- "Dat is de rare vogel."
- Met onbepaald lidwoord
- een rare
- "Ik heb een rare droom gehad."
- Zonder lidwoord
- raar
- "Het is echt raar."
Predicatieve vorm
Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'raar': 'De situatie is raar'. Dit zegt dat iets vreemd of ongewoon is.
Vergrotende trap
Als je iets vergelijkt, zeg je bijvoorbeeld 'Dit boek is raarder dan dat boek'. Dat betekent dat dit boek vreemder is.
- Grondvorm
- raarder
- "Dit boek is raarder dan het andere."
- Met "dan"
- raarder
- "Het lijkt raarder dan je denkt."
Overtreffende trap
Als je de hoogste graad van vreemdheid bedoelt, zeg je 'de raarste'. Bijvoorbeeld: 'Hij heeft de raarste ideeën.' Dit geeft de hoogste graad van het vreemde aan.
- Attributief
- de raarste
- "Hij heeft de raarste ideeën."
- Predicatief
- raarste
- "Dit is het raarste wat ik ooit heb gezien."
Belangrijke opmerkingen
- usage:Het woord 'raar' betekent vreemd of ongewoon.
- spelling:De vormen kunnen afwijken afhankelijk van het zelfstandig naamwoord waarmee ze worden gebruikt.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.