Raken
Hulpwerkwoord
hebben (meestal), zijn (in sommige contexten zoals 'geraakt zijn door')
onovergankelijk en overgankelijk werkwoord
'Raken' kan zowel fysiek (aanraken) als emotioneel (ontroeren) gebruikt worden. Het kan ook 'treffen' of 'bereiken' betekenen, afhankelijk van de context.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je, u
u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
Voorbeelden
Ik raak de bal met mijn voet. (I touch the ball with my foot.)
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hij raakte gewond tijdens het ongeluk. (He got injured during the accident.)
verleden tijd, aantonende wijs
Ben je geraakt door de film? (Were you touched by the movie?)
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Raak de hond niet aan, hij bijt! (Don't touch the dog, he bites!)
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Het is belangrijk dat je de juiste snaar raakt. (It is important that you hit the right chord.)
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.