Rijzen
Hulpwerkwoord
zijn
onovergankelijk, sterk werkwoord (rijzen-rees-gerezen)
Het werkwoord 'rijzen' wordt vaak figuurlijk gebruikt om een toename of stijging aan te duiden, zoals in kosten, spanning of verwachtingen.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
De prijs van huizen rijst elk jaar.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Gisteren rees de temperatuur plotseling.
verleden tijd, aantonende wijs
Het is belangrijk dat de spanning niet te hoog rijze.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
Het deeg is mooi gerezen.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.