NEDERLANDS
🇳🇱

    Relativeren

    B2uncommonZipf 2.6

    werkwoord

    • relativeren

      Werkwoord/relati'verən; relati'verə/

      infinitief

      relativeren

      tegenwoordige tijd

      relativeerrelativeertrelativeren

      verleden tijd

      relativeerderelativeerden

      tegenwoordig deelwoord

      relativerendrelativerende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren