🇳🇱
Bijvoeglijk naamwoord

Attributieve vormen

Als je zegt 'de rode auto' of 'een rode fiets', gebruik je 'rode' vóór het zelfstandig naamwoord.

Met bepaald lidwoord
de rode
"De rode auto staat voor de deur."
Met onbepaald lidwoord
een rode
"Ik heb een rode bal."
Zonder lidwoord
rood
"Het is gewoon rood."

Predicatieve vorm

Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'rood': De appel is rood.

rood
"De appel is rood."

Vergrotende trap

Als je iets vergelijkt, zeg je: 'Haar huis is roder dan mijn huis'.

Grondvorm
roder
"Die auto is roder dan mijn auto."
Met "dan"
roder
"De roder, de beter."

Overtreffende trap

Als je het hoogste niveau beschrijft, zeg je: 'Dit is de roodste auto van allemaal.'

Attributief
de roodste
"Hij is de roodste van de klas."
Predicatief
roodste
"Dit is de roodste appel."

Belangrijke opmerkingen

  • usage:Het woord 'rood' blijft in zijn basisvorm 'rood' voor onbepaalde en meervoudige zelfstandige naamwoorden in de predicatieve uitdrukking.
  • irregular:De vergrotende trap is 'roder' en de overtreffende trap is 'roodste', wat niet een standaard -er en -ste vorm is.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.