🇳🇱
deZelfstandig naamwoordA2

Enkelvoudsvormen

Ruit is een zelfstandig naamwoord dat een glasplaat betekent.

Bepaald (de/het)
de ruit
"De ruit is gebroken."
Onbepaald (een)
een ruit
"Ik heb een ruit vervangen."
Zonder lidwoord
ruit
"Ruit is belangrijk voor het zicht."

Meervoudsvormen

De meervoudsvorm is ruiten, wat gebruikt wordt voor meerdere glasplaten.

Bepaald (de)
de ruiten
"De ruiten zijn schoon."
Zonder lidwoord
ruit
"Er liggen ruiten op de grond."

Verkleinwoord

ruitje
"Kijk, een klein ruitje!"

Dit is informeler en kan een schattige connotatie hebben.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • ruitensysteem

    "Het ruitensysteem van deze auto is geavanceerd."

    systeem voor ramen of schermen

  • ruitvervanger

    "De ruitvervanger is snel gekomen."

    een persoon die ruiten vervangt

Veelgebruikte woordcombinaties

  • voorruit

    "De voorruit is kapot."

    Dit verwijst specifiek naar de voorruit van een voertuig.

  • achterruit

    "De achterruit is geblurd."

    Dit verwijst naar de achterruit van een voertuig.

Belangrijke opmerkingen

  • countability:Ruit is telbaar; je kunt zeggen 'één ruit' of 'drie ruiten'.
  • register:Ruit kan formeel of informeel zijn, afhankelijk van de context.
  • usage:Ruit wordt vaak gebruikt in situaties zoals bouw of vervoer.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.