🇳🇱
de-hetZelfstandig naamwoord

Enkelvoudsvormen

'Run' betekent een korte periode van hardlopen of een specifieke loopactiviteit.

Bepaald (de/het)
de run
"De run was spannend."
Onbepaald (een)
een run
"Ik heb een run gemaakt."
Zonder lidwoord
run
"Run is goed voor de conditie."

Meervoudsvormen

De pluralis 'runs' verwijst naar meerdere hardloopactiviteiten.

Bepaald (de)
de runs
"De runs waren succesvol."
Zonder lidwoord
een paar runs
"We hebben een paar runs gehad."

Verkleinwoord

het runnetje
"Het runnetje was leuk om te doen."

Diminutief wordt soms gebruikt om iets schattigs of minder serieus aan te duiden.

informal

Veelgebruikte samenstellingen

  • hardlooprun

    "De hardlooprun trekt veel deelnemers."

    een georganiseerde loopwedstrijd

  • marathonrun

    "Zij traint voor de marathonrun."

    een marathon afstand rennen

Veelgebruikte woordcombinaties

  • ekonomie run

    "De ekonomie run loopt heel goed."

    Verwijst naar een periode van groei in de economie.

  • hop-on run

    "We hebben een hop-on run gedaan."

    Betekent dat je even snel kunt meedoen aan iets.

Belangrijke opmerkingen

  • countability:Het woord 'run' is telbaar.
  • usage:Bij het gebruik van 'run' in zinnen is het belangrijk om de context van hardlopen of sport te begrijpen.
  • register:In formele contexten kan 'run' verwijzen naar georganiseerde evenementen, terwijl in informele contexten dagelijkse hardloopbeurten worden bedoeld.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.