🇳🇱

Grondvorm

'Saam' betekent samen in het Nederlands. Het duidt op samenwerking of gezamenlijke actie.

saam
"Wij zijn saam gegaan."

Posities in de zin

  • begin van de zin

    "Saam gaan wij naar het feest."

    Benadrukt samen zijn en gaan.

  • midden van de zin

    "Wij hebben saam veel plezier gehad."

    Legt nadruk op de gezamenlijke ervaring.

  • einde van de zin

    "Het was leuk, die avond, saam."

    Focus op het feit dat het samen leuk was.

Vergrotende trap

saam-er
"Zij werken saam-er dan hun collega's."

Gebruikt voor de vergrotende trap van 'saam', maar minder gebruikelijk.

Overtreffende trap

saam-st
"We zijn saam-st van allemaal."

Zeer zeldzaam en informeel, meestal is de superlatieven vorm niet noodzakelijk.

Veelgebruikte combinaties

  • met "feesten"

    "We feesten saam met vrienden."

    'Feesten' gaat vaak samen met 'saam' voor gezamenlijke bijeenkomsten.

  • met "werken"

    "Wij werken saam aan dit project."

    'Werken' impliceert samenwerking met anderen.

Vergelijkbare woorden

  • samen

    "We gaan samen naar de winkel."

    Algemeen gebruikelijk in standaardtaal.

  • together

    "We are going together to the concert."

    Netter en formeler, meer gebruik in geschreven taal.

Belangrijke opmerkingen

  • irregular:'Saam' heeft geen volledige geregelde verbuigingen en is dus uniek.
  • usage:'Saam' wordt vooral gebruikt in informele contexten.
  • position:De plaatsing van 'saam' in een zin kan de nadruk op de samenwerking veranderen.
  • register:'Saam' is informeel en soms sneaky, voorkeursvorm in de spreektaal.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.